Terug van weggeweest (1)

2 augustus 2021

Een beetje ontheemd voel ik me als ik in het halfdonker op een miezerige morgen over de Aesvoortsedijk fiets. Ik ben hier twee maanden niet meer geweest. Een reegeit staat vlak bij de plaats waar ik mijn fiets aan de paal ga binden. Ze heeft me niet gezien en ik wacht tot ze klaar is met waar ze mee bezig is. In alle rust steekt ze het pad over en gaat een kruidenveld in.

In het Riels Laag is het een drukte van belang. Grauwe ganzen gakken om het hardst. De wilgen langs het ven zijn behoorlijk gegroeid, maar ze laten genoeg gaten vallen om te kunnen zien dat de ganzen met vele zijn. Met al hun jongen zijn ze nu op volle getalssterkte. Na een minuut of vijf komt er beweging in de groep en vertrekt een groot deel naar de velden. De motregen stopt. Merels zingen. 

Ik wandel verder. In de wilgen die aan het pad staan zingen twee tuinfluiters tegen elkaar op. Ze zingen op geen enkel moment tegelijk. Ze luisteren naar elkaar zodat ze elkaars vocale krachten kunnen meten – een geduld dat de meeste mensen niet kunnen opbrengen. Door gaten in het riet zie ik een opvallend witte vogel in het moeras. Het is een lepelaar. Ik vang ik hem in de telescoop. Hij heeft kleurringen om. De ringen tezamen vormen een unieke code, die je elk van boven naar beneden, linker poot eerst, dan rechter, moet aflezen. Bovendien heeft hij een metalen ring, waar een letter-en nummercode is staat gegraveerd. De metalen ring noteer ik als een ster (*). Dit geeft mij, met de kleuren in het Engels, en flag voor vlag, de code * Green YellowFlag / Lime Green Yellow. Ik stuur die code naar Petra de Goeij, met wie ik jarenlang op het NIOZ (Koninklijk Nederlands Onderzoek der Zee) heb gewerkt. Ze ringt lepelaars en volgt hun wel en wee het hele jaar door in het veld, of ze nu in Nederland zijn, in Bretagne of in West-Afrika. Binnenkort stuurt ze me de levensgeschiedenis van deze vogel (waar en wanneer hij of zij geringd is en op welke tijden en plekken de geringde vogel door anderen is gezien). Ik zal er te zijner tijd over berichten. Aan de hand van die kleurringen kan ze zien hoe het met de individuen gaat en de populatie als geheel. Een aantal Nederlandse vogels overwintert in Bretagne, een ander deel vliegt na het broedseizoen naar West-Afrika. Met Theunis Piersma en anderen schreef ze er een prachtig boek over: Sinagote – het levensverhaal van een lepelaar.⁠1

Lepelaar
Schreeuwers

In het voorjaar, tot aan mijn laatste bezoek op 7 juni, had ik ondanks mijn speurwerk geen grauwe klauwieren gevonden. Dat had me verbaasd, want ze hadden het de laatste twee jaar juist zo goed gedaan (vorige jaar nog drie paren in het gebied). Vandaag doe ik nog een poging, want je weet het nooit. En jawel, op een braamstruik zie ik een mannetje. Hij maakt een snelle duikvlucht en keert terug naar zijn tak. Meteen zie ik twee jonge vogels die nog net niet volgroeid zijn. Ze schreeuwen om het hardst om de lekkernij toegestopt te krijgen. Ik loop onder een boom door en hoor dan vlak boven me een luid tsik, lijkend op de alarmroep van de zwartkop, maar veel voller en luider. Dat moet een grauwe klauwier zijn. Is datzelfde mannetje zo snel hierheen gevlogen? En waarom hoor ik verderop, op dezelfde plaats nog steeds de bedelroepen van de jonge klauwieren? Dan zie ik dat deze paniekvogel een andere klauwier is. Ook hij voert een jong. Twee broedparen dus. Kort daarna krijgen de twee ruzie omdat de ene klauwier zich in de boom van de andere waagt. De paniekvogel jaagt hem resoluut weg en keert terug naar zijn berk waar hij zich weer tussen bladeren verbergt. Ik tuur verder het veld af. Wat krijgen we nu? Aan de andere kant zit bovenop een braamstruik opnieuw een mannetje grauwe klauwier. Die houd ik een tijd in de gaten, maar ik zie geen jongen in zijn buurt. Drie mannetjes dus: een voert twee jongen, een ander voert er één en de derde lijkt vooralsnog kinderloos.

Grauwe klauwier: de paniekvogel verbergt zich tussen de bladeren van een berk.
Waar is de vrouw?

In de twee uren dat ik naar de klauwieren heb staan kijken heb ik geen vrouwtje gezien. Zouden die intussen opnieuw op eieren zitten? In de literatuur lees ik dat de grauwe klauwieren het broeden meestal aan de vrouwtjes overlaten en dat het inderdaad voorkomt dat een vrouwtje op een tweede legsel broedt terwijl het mannetje de jongen van het eerste voedt.⁠2 Wellicht komt er nog meer nageslacht.

Twee alleraardigste wandelaars, die allengs goede bekenden zijn geworden, onderbreken hun vaste ochtendwandeling voor een praatje. Ik toon het echtpaar een van de klauwieren die bovenop een braamstruik zit. ‘Kijk eens, dat masker’, merkt hij op. Zij wil ook wel eens kijken. ‘Hij kwispelt met zijn staart’. Allebei treffend.

De dag is nog jong, genoeg tijd om ook bos en hei te verkennen. Maar daarover later.

_______________________________________

1 Theunis Piersma, Petra de Goeij, Willem Bouten & Carl Zuhorn. 2021. Sinagote. Het levensverhaal van een lepelaar. Uitgeverij Noordboek, Gorredijk.

2 Cramp S., et al. 1993. The Birds of the Western Palearctic. Volume VII: Flycatchers to Shrikes. Oxford University Press, New York.

3 Comments

Add yours →

  1. Tjonge, Tuinfluiters en Klauwieren. Ik ben net, of nog niet eens, toe aan het onderscheid tussen een huismus en een heggenmus.

    Mooi verhaal weer !

    Like

  2. Jan Erftemeijer augustus 5, 2021 — 14:55

    Hoi Piet,

    mooi stukje! Ik attendeer je even op een paar typefouten (sorry voor mijn aanmatigend gedrag, maar ik zou het van mezelf ook stom vinden om het niet te doen).

    tuinfluiter ontbreekt s enkele moment moet zijn: enkel moment i het riet moet zijn: in het riet die op je van boven : op hoort daar niet maar de zin is toch ook vreemd, van boven naar beneden en van links naar rechts? is staat gegraveerd: is 2 Wellicht: 2 weghalen

    Nogmaals sorry. Vrijdagochtend wordt het vies weer, anders was ik vroeg gegaan. Vanavond ga ik met de fiets, via de golfbaan naar de vogelkijkhut en dan over de heide en via de asfoortse dijk terug. Er zitten trouwens best een aantal koninginnepages op de heide, in de omgeving van de stuifduintjes en de zure vennen daar vlakbij. Ik heb er al een fraaie foto van kunnen maken. Heel veel groetjes, tot gauw, ik ben blij dat je weer terug bent. Waar was je al die tijd? Groetjes, Jan

    >

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: